De kop van Noord-Holland wordt vergeten

In opdracht van Kunsten 92 onderzocht Robbert van Heuven de ontwikkeling van het provinciale cultuurbeleid. In ‘De provinciale staat van het cultuurbeleid’ zijn grote verschillend in ambities van de diverse provincies te lezen.

De provincie Noord-Holland komt uit het rapport als één van de meest behoudende provincies. In Zuid-Holland zijn er nog grote steden als Rotterdam, Den Haag en Leiden die de regio aantrekkelijk houden door cultuur. De provincie Noord-Holland heeft Amsterdam als grootschalige culturele bruisende stad. Zij vergeet de gebieden boven de lijn Haarlem-Amsterdam.

“In de verschillende nota’s en in de daarin verwoorde opvattingen over cultuurbeleid is een aantal trends waar te nemen, die samenhangen met de grote verschillen tussen de provincies. Zo zijn twee van de drie provincies die het meest behoudend zijn, niet toevallig provincies in de Randstad waarin de drie grootste Nederlandse steden liggen (Amsterdam, Rotterdam en Den Haag). In die grote steden dragen gemeente en Rijk al in hoge mate bij aan het in stand houden van een fijnmazige culturele infrastructuur, zowel als het gaat om aanbod (gezelschappen, kunstinstellingen) en cultuureducatie (theater- en muziekscholen, bibliotheken) als om erfgoed. Daar hoeft de provincie dus maar weinig aan toe te voegen, al vergeten Noord- en Zuid-Holland daarbij wel de landelijke gebieden in het groene hart of boven de lijn Haarlem-Amsterdam. Hoewel het inperken van de provincietaken begrijpelijk is, worden die gebieden relatief hard getroffen.

Het is precies om die reden, dat grotere provincies met weinig grote kernen een stuk actiever zijn op het gebied van cultuurbeleid. Zij zijn verantwoordelijk om een culturele infrastructuur overeind te houden voor de burgers van gemeenten die dat niet alleen kunnen. Maar veel regioprovincies zien in cultuur ook een manier om de stagnerende economie aan te wakkeren en iets te doen aan de gevolgen van de bevolkingskrimp. Toerisme en economisch vestigingsklimaat zijn belangrijke redenen om cultuurbeleid gerichter te voeren dan dat de meer behoudende provincies dat doen. Er wordt gezocht naar creatievere manieren om kerntaken in te vullen, bijvoorbeeld door levende kunst en erfgoed nadrukkelijk met elkaar in verband te brengen. Een bruisende provincie waar spannende dingen gebeuren is voor toeristen wellicht interessanter dan een provincie met goed onderhouden erfgoed alleen.”

Cultuur wordt steeds meer gezien als een manier om jezelf als stad of  regio te profileren. Dat kan heel goed uitpakken. Simon van den Berg onderzocht in dat verband de opmerkelijke bloei van de krimpende en vergrijzende stad Heerlen in “Het gaat goed in Heerlen“, ook opgenomen in deze publicatie. Lees hier de hele publicatie.