Posts

Kapelkerk wordt mogelijk huis voor Karavaan

De Stichting Behoud, die eigenaar is van de Grote Sint Laurenskerk, heeft de intentie uitgesproken de Kapelkerk aan de Laat van de Protestantse Gemeente Alkmaar in eigendom over te nemen en deze een culturele functie geven. De Stichting Behoud is hiertoe gekomen nadat de Protestants Gemeente had verzocht de mogelijkheden voor overname te onderzoeken. Voor invulling van de culturele functie gaat de voorkeur uit naar Karavaan.

Het teruglopend kerkbezoek is voor de Protestantse Gemeente aanleiding een aantal kerken af te stoten, ondermeer de Kapelkerk. Omdat de Stichting Behoud al eigenaar is van de Grote Sint Laurenskerk, is aan hen gevraagd te onderzoeken of overname mogelijk is. Dit onderzoek is deze zomer uitgevoerd met als uitgangspunt dat een culturele invulling van de kerk gewenst is en dat moet worden gestreefd naar het behoud van de monumentale waarde van de kerk.

Aan deze uitgangspunten wordt voldaan door de Kapelkerk aan te bieden als huis voor Karavaan. Karavaan is hét theaterfestival in Noord-Holland en heeft zich in een periode van 23 jaar in Noord-Holland ontwikkeld tot een programmerend en producerend festival op locatie van hoge en professionele kwaliteit met een landelijke uitstraling. Nu vanwege het wegvallen van de band met de Provincie Noord-Holland Karavaan vrij is zich elders te vestigen, is gebleken dat de voorkeur uitgaat naar Alkmaar. De gemeente Alkmaar is bereid deze vestiging te steunen met een jaarlijkse subsidie, om niet alleen een festival, maar ook een podium te creëren met een divers aanbod.

Karavaan Podium

Karavaan vindt vestiging in Alkmaar belangrijk omdat meer dan de helft van de huidige bezoekers afkomstig zijn uit de regio Alkmaar en de stad sinds de fusie een zeer gevarieerd gebied is. Omdat Karavaan een lange traditie kent van cultuurproductie in cultureel erfgoed, sluit de Kapelkerk daar goed bij aan. Karavaan Podium biedt in haar plan plaats aan buitengewone activiteiten: werk en voorstellingen van (jonge) theatermakers, kunstenaars en muzikanten, creatieve ontmoetingen, theatrale aanschuiftafels, galerie, singersongwriters, ideeëndiner, salons, tentoonstellingen en exposities, gesprekken en proeverijen.

Met de komst van Karavaan komt er in Alkmaar een vaste plek voor kleinkunst en een centraal gelegen ruimte voor podiumkunsten die niet alleen vernieuwend, maar ook onorthodox en spannend kunnen zijn. Karavaan wordt in grootte de zesde culturele instelling van Alkmaar, na de vier instellingen aan het Canadaplein en Poppodium Victorie.

Karavaan wil het bestaande theaterlocatiefestival voortzetten, maar dan volledig op locaties in de regio Alkmaar. 2016 staat in het teken van het thema Local-Global met locatietheater van gerenommeerde én jonge theatermakers op bijzondere locaties in Alkmaar, Schermer, De Rijp, Bergen en Bergen aan Zee. Het programma met honderden voorstellingen varieert van familievoorstellingen tot opera. De Kapelkerk zal het festivalhart vormen.

Een definitief besluit over de overname van de kerk zal pas worden genomen nadat het overleg met enerzijds de Protestantse gemeente over de deze overname en anderzijds met Karavaan over de verhuur is afgerond.

2,4 miljoen nu nodig zodat de podiumkunstfestivals er morgen nog zijn

Vanuit Karavaan, hét podiumkunstfestival in Noord-Holland-Noord, een gebied waar de professionele culturele infrastructuur beperkt is, vragen wij aandacht voor het collectief van podiumkunstfestivals in heel Nederland.

Karavaan presenteert en ontwikkelt buitengewoon theater op locatie. Gefascineerd door actuele thema’s die spelen verleiden we publiek om op bijzondere locaties inspirerende voorstellingen te zien van gerenommeerde én jonge podiumkunstenaars. Ook wij maken ons zorgen over het ontoereikende budget van Fonds Podiumkunsten. Daarom:

Moedig besluit gevraagd van Tweede Kamer

De gezamenlijke (40!) Nederlandse podiumkunstfestivals verzoeken de Tweede Kamer om 2,4 miljoen euro extra vrij te maken voor podiumkunstfestivals en om dit budget onder te brengen bij het Fonds Podiumkunsten. Daarnaast dringen de podiumkunstfestivals er bij de Tweede Kamer op aan om te kiezen voor samenhang voor de podiumkunstfestivalsector als geheel.

In de komende anderhalve week besluit de Tweede Kamer over de verdeling van de landelijke cultuurgelden voor de periode 2017 – 2020. Zowel de Raad voor Cultuur als Minister Bussemaker erkenden eerder dit jaar het grote belang en de hoge kwaliteit van de Nederlandse podiumkunstfestivals. Beide gaven daarbij tevens aan dat meer budget in de komende vier jaar broodnodig is. Nu duidelijk begint te worden wat er na vele maanden aan gesprekken, lobby en geld schuiven over blijft voor de podiumkunstfestivals (theater, dans, muziek en vele nieuwe vormen, 90% van het festivalaanbod in Nederland), dan is het collectieve resultaat teleurstellend te noemen. De gezamenlijke podiumkunstfestivals doen dan ook een dringend beroep op de Tweede Kamer om de volgende twee punten alsnog mee te nemen in de beraadslaging:

  1. Maak 2,4 miljoen euro extra vrij voor podiumkunstfestivals en breng dit budget onder bij het Fonds Podiumkunsten. Na het aannemen van de eerdere moties worden er uit de extra festivalmiddelen een drietal podiumkunstfestivals geholpen, voor de grote groep podiumkunstfestivals gebeurt er vrijwel niets, terwijl er wel een jeugdtheatergezelschap voor 5 ton uit het extra festivalgeld gefinancierd wordt. Dit leidt in de komende vier jaar tot grote problemen voor de kwaliteits-podiumkunstfestivals overal in het land. De lacune in het landelijke cultuurbeleid aangaande podiumkunstfestivals, die door de Raad voor Cultuur terecht werd benoemd, blijft bestaan en leidt onherroepelijk tot het einde van een aantal smaakmakende podiumkunstfestivals. Het nu niet kiezen voor podiumkunstfestivals laat in de komende jaren diepe sporen achter in lokale en nationale culturele infrastructuren.2. Kies voor samenhang
    De podiumkunstfestivals achten het Fonds Podiumkunsten en de Raad voor Cultuur goed in staat onderbouwde, inhoudelijke afwegingen te maken wat betreft subsidiëring van instellingen en/of het invullen van functies binnen de culturele basisinfrastructuur. Er zijn een aantal reparaties gedaan, maar verdere moties die vanuit de Tweede Kamer pleiten vóór individuele podiumkunstfestivals doorkruisen deze methodiek en werken verstorend voor de samenhang in de podiumkunstfestivalsector. Wij pleiten ervoor nu geen nieuwe individuele ondersteuningsmoties meer in te dienen. Kies voor samenhang.

De podiumkunstfestivals hopen dat de Tweede Kamer een verstandig besluit wil nemen om deze beeldbepalende, richtinggevende maar financieel ondergewaardeerde sector alsnog overeind te houden, zoals eens de bedoeling was. Het gat tussen de BIS waar 4 miljoen beschikbaar is voor 4 podiumkunstfestivals en het Fonds Podiumkunsten waar 2,1 miljoen euro te verdelen is onder een grote groep kwaliteitsfestivals op het terrein van dans, theater en muziek door heel Nederland is ook na de laatste BIS-reparaties nog veel te groot. De door de minister, de raad van cultuur en de kamer gewenste makelaars functie van festivals tussen innovatief kwaliteitsaanbod en publiek kan alleen vervuld worden als er nu gekozen wordt voor de podiumkunstfestivalsector als geheel, en dus door 2,4 miljoen euro extra toe te voegen aan het Fonds Podiumkunsten.
———————————————————————-

Wat voorafging

2013: Van de 6 podiumkunstfestivalplekken in de BIS blijft er 1 over met €3,2 miljoen euro, de overige worden – zonder meenemen van budget- doorverwezen naar het FPK waar het aantal aanvragers oploopt en het gelijk gebleven budget van 2,1 miljoen met een maximaal plafond van €250.000 per festival wordt verdeeld. Het resultaat is dat in 2013 van de 30 structureel landelijke ondersteunde podiumkunstfestivals 18 podiumkunstfestivals hun gehele landelijke subsidie verliezen, de 12 resterende podiumkunstfestivals krijgen kortingen tot 70% op hun subsidiebudget te verwerken. Het werkt door in het hele bestel; voor kleinere of nieuwe podiumkunstfestivals wordt de ruimte zeer beperkt. Anno 2015 staat veel podiumkunstfestivals het water aan de lippen. Financiële ruimte is dringend noodzakelijk.

Februari 2015: De Verenigde Podiumkunstfestivals sturen een manifest aan Minister Bussemaker, Raad voor Cultuur en Fonds Podiumkunsten. In dit manifest wordt onder meer gevraagd om erkenning van de unieke functie van podiumkunstfestivals en een betere honorering. Zowel de Raad voor Cultuur als Minister Bussemaker steunen de oproep van de podiumkunstfestivals. Hiermee wordt de vraag om erkenning van de positie van de podiumkunstfestivals positief beantwoord.

April 2015: De Raad voor Cultuur roept de minister op de podiumkunstfestivals beter te verankeren in het rijks- en lokale cultuurbeleid en meent dat een extra financiële impuls noodzakelijk is. Zij stelt voor bij de verdeling van subsidies bij de fondsen meer ruimte te geven aan podiumkunstfestivals en instellingen die experimenteren met nieuwe vormen van presentatie ten behoeve van publieksbereik.

Juni 2015: Minister Bussemaker stelt in haar uitgangspuntennotitie – in navolging van de Raad voor Cultuur – dat podiumkunstfestivals van belang zijn voor talentontwikkeling en de ontwikkeling van nieuwe publieksgroepen op zowel lokaal als (inter)nationaal niveau. Zij stelt voor podiumkunstfestivals in alle disciplines via de cultuurfondsen € 2,6 miljoen extra beschikbaar.

November 2015: Na verdeling over de verschillende fondsen en de uitwerking van de moties die de Tweede Kamer op 27 oktober 2015 aannam, is duidelijk dat slechts € 180.000 resteert als impuls voor de grote groep podiumkunstfestivals via het Fonds Podiumkunsten (FPK). Er is geschoven met geld, er zijn een paar individuele podiumkunstfestivals geholpen en het meest vreemde: er is een jeugdtheatergezelschap bekostigd uit festivalgeld. De werkelijke nood is niet gelenigd.

Voor alle helderheid willen we benadrukken dat de podiumkunstfestivals niet alleen een zeer groot bereik hebben, maar ook de volle breedte van de podiumkunsten vertegenwoordigen. Van opera en muziektheater tot moderne dans en oude muziek, van jazz en pop, circus en jeugdtheater tot locatievoorstellingen, van toneel en klassieke muziek tot experimentele technologie en alles daartussenin. De podiumkunstfestivals zijn gevestigd in heel Nederland en trekken een breed publiek uit alle landsdelen en van ver daarbuiten.

Ook wijzen we er graag op dat de omzet van de podiumkunstfestivals, hun spin off en hun impact op de lokale leefomgeving én op de lokale economie vele malen groter is dan de financiering vanuit de rijksoverheid. Let wel: 90% van de festivals in Nederland zijn podiumkunstfestivals. Onze hoop en verwachting was dat de extra middelen voor podiumkunstfestivals daar ook besteed zouden worden, zeker gezien de extreem harde bezuinigingen in 2013 op de podiumkunstfestivals van BIS tot FPK.

Begin november 2015 deden wij de volgende oproep:
Dit gezegd hebbend, resteert de feitelijke constatering dat waar € 2.600.000 nodig is, € 180.000 volstrekt onvoldoende is om ook maar iets extra te kunnen doen. De podiumkunstfestivals vrezen, na alle waardering en inzet vanuit alle geledingen, voor het overgrote deel alsnog met lege handen te staan. Het belang dat artistiek, maatschappelijk en ook in publieksbereik, talentontwikkeling en innovatie aan de podiumkunstfestivals wordt toegekend, wordt niet zichtbaar in de huidige besluitencijfers. Het thans resterende bedrag zorgt niet voor versterking of artistieke groei van de podiumkunstfestivals. Vele podiumkunstfestivals blijven hangen aan het draadje waaraan ze al sinds 2013 hangen.

Wij vragen u daarom met klem om de daad bij het woord te voegen en verzoeken de Tweede Kamer als volgt:

– Naast de huidige reparaties in de BIS een extra bedrag van € 2,4 miljoen euro vrij te maken en dit toe te voegen aan het budget van het Fonds Podiumkunsten ten behoeve van de podiumkunstfestivals.

We hopen op uw welwillend oor voor onze noodkreet.

Verenigde Nederlandse Podiumkunstfestivals:

 

Theaterfestival Boulevard

Noorderzon

Nederlands Theaterfestival

Nederlandse Dansdagen

Grachtenfestival Amsterdam

November Music 

Spring

Julidans

Eurosonic Noorderslag

Circo Circolo

Holland Festival

Incubate

Internationaal buitentheaterfestival

Deventer op stelten

ITs festival

Jonge Harten

Motel Mozaïque

Operadagen Rotterdam

Over het IJ festival

Reuring

Zeeland Nazomerfestival

Gaudeamus Muziekweek

Oerol

Festival Cement

Festival Oude Muziek

Parade

Karavaan

Festival Oranjewoud

Holland Dance

Le Guess Who

Tweetakt

Amsterdams Kleinkunstfestival

Cultura Nova

Dancing on the Edge

Music Meeting
Strp Festival

Into the great wide open

Tromp

Musica Sacra Maastricht

Dringend verzoek Podiumkunstfestivals aan Tweede Kamer

Podiumkunstfestivals doen dringend verzoek: Stel extra gelden werkelijk ter beschikking aan de festivals. 

Nu het de kruitdampen zijn opgetrokken na de moties bij laatste begrotingsbesprekingen, constateren de Verenigde Nederlandse Podiumkunstenfestivals dat er van de benodigde € 2.600.000 aan extra middelen voor festivals niet meer dan €180.000 resteert voor een belangrijke groep theater-, dans- en muziekfestivals. Deze festivals, zo belangrijk in het samenbrengen van vraag en aanbod, doen een ultieme oproep aan de Tweede Kamer om alsnog €2,4 miljoen extra beschikbaar te stellen aan festivals via het Fonds Podiumkunsten.

Wat voorafging

2013: Van de 30 structureel landelijke ondersteunde podiumkunstenfestivals verliezen in 2013 18 festivals hun gehele landelijke subsidie, de 12 resterende festivals krijgen kortingen tot 70% op hun subsidiebudget te verwerken. Voor kleinere of nieuwe festivals wordt de ruimte zeer beperkt. Veel festivals staat het water aan de lippen. Financiële ruimte is dringend noodzakelijk.

Februari2015: DeVerenigdePodiumkunstfestivalsstureneenmanifestaanMinisterBussemaker, Raad voor Cultuur en Fonds Podiumkunsten. In dit manifest wordt onder meer gevraagd om erkenning van de unieke functie van festivals en een betere honorering. Zowel de Raad voor Cultuur als Minister Bussemaker steunen de oproep van de podiumkunstfestivals. Hiermee wordt de vraag om erkenning van de positie van de festivals positief beantwoord.

April 2015: De Raad voor Cultuur roept de minister op de festivals beter te verankeren in het rijks- en lokale cultuurbeleid en meent dat een extra financiële impuls noodzakelijk is. Zij stelt voor bij de verdeling van subsidies bij de fondsen meer ruimte te geven aan festivals en instellingen die experimenteren met nieuwe vormen van presentatie ten behoeve van publieksbereik.

Juni 2015: Minister Bussemaker stelt in haar uitgangspuntennotitie – in navolging van de Raad voor Cultuur – dat festivals van belang zijn voor talentontwikkeling en de ontwikkeling van nieuwe publieksgroepen op zowel lokaal als (inter)nationaal niveau. Zij stelt voor festivals in alle disciplines via de cultuurfondsen € 2,6 miljoen extra beschikbaar.

November 2015: Na verdeling over de verschillende fondsen en de uitwerking van de moties die de Tweede Kamer op 27 oktober 2015 aannam, is duidelijk dat slechts € 180.000 resteert als impuls voor de grote groep podiumkunstfestivals via het Fonds Podiumkunsten. Er is geschoven met geld, er zijn een paar individuele festivals geholpen en het meest vreemde: er is een jeugdtheatergezelschap bekostigd uit festivalgeld. De werkelijke nood is niet gelenigd.

Voor alle helderheid willen we benadrukken dat de podiumkunsten festivals niet alleen een zeer groot bereik hebben, maar ook de volle breedte van de podiumkunsten vertegenwoordigen. Van opera en muziektheater tot moderne dans en oude muziek, van jazz en pop, circus en jeugdtheater tot locatievoorstellingen, van toneel en klassieke muziek tot experimentele technologie en alles daartussenin. De festivals zijn gevestigd in heel Nederland en trekken een breed publiek uit alle landsdelen en van ver daarbuiten.

Ook wijzen we er graag op dat de omzet van de festivals, hun spin off en hun impact op de lokale leefomgeving én op de lokale economie vele malen groter is dan de financiering vanuit de rijksoverheid. Let wel: 90% van de festivals in Nederland zijn podiumkunstenfestivals. Onze hoop en verwachting was dat de extra middelen voor festivals daar ook besteed zouden worden, zeker gezien de extreem harde bezuinigingen in 2013 op de podiumkunstenfestivals van Bis tot FPK.

Ultieme oproep

Dit gezegd hebbend, resteert de feitelijke constatering dat waar € 2.600.000 nodig is, € 180.000 volstrekt onvoldoende is om ook maar iets extra te kunnen doen. De Podiumkunstenfestivals vrezen, na alle waardering en inzet vanuit alle geledingen, voor het overgrote deel alsnog met lege handen te staan. Het belang dat artistiek, maatschappelijk en ook in publieksbereik, talentontwikkeling en innovatie aan de podiumkunstenfestivals wordt toegekend, wordt niet zichtbaar in de huidige besluitencijfers. Het thans resterende bedrag zorgt niet voor versterking of artistieke groei van de festivals. Vele festivals blijven hangen aan het draadje waaraan ze al sinds 2013 hangen.

Wij vragen u daarom met klem om de daad bij het woord te voegen en verzoeken de Tweede Kamer als volgt:

– Naast de huidige reparaties in de Bis een extra bedrag van € 2,4 miljoen euro vrij te maken en dit toe te voegen aan het budget van het Fonds Podiumkunsten ten behoeve van de festivals.

We hopen op uw welwillend oor voor onze noodkreet.

Verenigde Nederlandse Podiumkunstfestivals.

De kop van Noord-Holland wordt vergeten

In opdracht van Kunsten 92 onderzocht Robbert van Heuven de ontwikkeling van het provinciale cultuurbeleid. In ‘De provinciale staat van het cultuurbeleid’ zijn grote verschillend in ambities van de diverse provincies te lezen.

De provincie Noord-Holland komt uit het rapport als één van de meest behoudende provincies. In Zuid-Holland zijn er nog grote steden als Rotterdam, Den Haag en Leiden die de regio aantrekkelijk houden door cultuur. De provincie Noord-Holland heeft Amsterdam als grootschalige culturele bruisende stad. Zij vergeet de gebieden boven de lijn Haarlem-Amsterdam.

“In de verschillende nota’s en in de daarin verwoorde opvattingen over cultuurbeleid is een aantal trends waar te nemen, die samenhangen met de grote verschillen tussen de provincies. Zo zijn twee van de drie provincies die het meest behoudend zijn, niet toevallig provincies in de Randstad waarin de drie grootste Nederlandse steden liggen (Amsterdam, Rotterdam en Den Haag). In die grote steden dragen gemeente en Rijk al in hoge mate bij aan het in stand houden van een fijnmazige culturele infrastructuur, zowel als het gaat om aanbod (gezelschappen, kunstinstellingen) en cultuureducatie (theater- en muziekscholen, bibliotheken) als om erfgoed. Daar hoeft de provincie dus maar weinig aan toe te voegen, al vergeten Noord- en Zuid-Holland daarbij wel de landelijke gebieden in het groene hart of boven de lijn Haarlem-Amsterdam. Hoewel het inperken van de provincietaken begrijpelijk is, worden die gebieden relatief hard getroffen.

Het is precies om die reden, dat grotere provincies met weinig grote kernen een stuk actiever zijn op het gebied van cultuurbeleid. Zij zijn verantwoordelijk om een culturele infrastructuur overeind te houden voor de burgers van gemeenten die dat niet alleen kunnen. Maar veel regioprovincies zien in cultuur ook een manier om de stagnerende economie aan te wakkeren en iets te doen aan de gevolgen van de bevolkingskrimp. Toerisme en economisch vestigingsklimaat zijn belangrijke redenen om cultuurbeleid gerichter te voeren dan dat de meer behoudende provincies dat doen. Er wordt gezocht naar creatievere manieren om kerntaken in te vullen, bijvoorbeeld door levende kunst en erfgoed nadrukkelijk met elkaar in verband te brengen. Een bruisende provincie waar spannende dingen gebeuren is voor toeristen wellicht interessanter dan een provincie met goed onderhouden erfgoed alleen.”

Cultuur wordt steeds meer gezien als een manier om jezelf als stad of  regio te profileren. Dat kan heel goed uitpakken. Simon van den Berg onderzocht in dat verband de opmerkelijke bloei van de krimpende en vergrijzende stad Heerlen in “Het gaat goed in Heerlen“, ook opgenomen in deze publicatie. Lees hier de hele publicatie.

Podiumkunstenfestivals luiden noodklok

Er is grote erkenning voor de unieke functie van deze festivals op o.a. het gebied van talentontwikkeling en publieksbereik. Ook de financiële nood wordt erkend. Maar de financiële impuls blijft achter.

Februari 2015:  verenigde podiumkunstfestivals sturen een manifest aan Minister Bussemaker, Raad voor Cultuur en Fonds Podiumkunsten. In dit manifest werd onder meer gevraagd om erkenning van de unieke positie/functie van festivals en betere honorering van festivals. Zowel Raad voor Cultuur (Agenda Cultuurbeleid) als Minister Bussemaker van OC&W (uitgangspuntennotitie) steunden de oproep van de podiumkunstfestivals. Hiermee werd de vraag om erkenning van de positie van de festivals positief beantwoord.

April 2015: De Raad voor Cultuur roept de minister op, de festivals beter te verankeren in het rijks- en lokale cultuurbeleid en meent dat een extra financiële impuls noodzakelijk is. Zij stelt voor bij de verdeling van subsidies bij de fondsen meer ruimte te geven aan festivals en instellingen die experimenteren met nieuwe vormen van presentatie ten behoeve van publieksbereik.

Juni 2015: Minister Bussemaker stelt in haar uitgangspuntennotitie – in navolging van de Raad voor Cultuur – dat festivals van belang zijn voor talentontwikkeling en de ontwikkeling van nieuwe publieksgroepen op zowel lokaal als (inter)nationaal niveau. Zij stelt voor festivals in alle disciplines via de cultuurfondsen € 2,6 miljoen extra beschikbaar.

Nu duidelijk is hoe deze € 2,6 miljoen wordt ingezet, luiden de verenigde podiumkunstfestivals andermaal de noodklok. Na verdeling over de verschillende fondsen en de uitwerking van de moties die de tweede kamer voor het reces aannam, is duidelijk dat slechts € 610.000 als impuls voor de grote groep podiumkunstfestivals via het Fonds Podiumkunsten resteert.

De verenigde podiumkunstfestivals roepen de minister en de kamer nu op om 2,6 miljoen investering ten gunste te laten komen van de podiumkunstfestivals. Met deze impuls blijven festivals nog altijd kampioen in cultureel ondernemen. Zij weten als geen ander in de culturele sector ook andere financieringsstromen aan zich te verbinden dan overheidssubsidies. Om fondsen, bedrijven en publiek ook duurzaam financieel te verbinden aan de maatschappelijke en publieke functie is de structurele basis op dit moment echter te smal en de investering te risicovol.

Meer ruimte voor festivals

De Verenigde Nederlandse podiumkunstenfestivals geven een reactie op ‘Ruimte voor cultuur, uitgangspunten cultuurbeleid 2017-2020’

De Verenigde Nederlandse podiumkunstenfestivals zijn blij met de visie en voorzichtig positief over de investeringen van Minister Bussemaker in het geheel en specifiek voor festivals. De Raad adviseerde meer ruimte voor festivals – voor zowel hun rol als in budgettaire ruimte – en dit krijgt deels zijn  beslag in de vandaag verschenen uitgangspuntennota van de Minister. Er blijft slechts 1 plaats voor een podiumkunstenfestival beschikbaar in de basisinfrastructuur (bis).

De podiumkunstenfestivals zijn blij met de uitgesproken waardering. Zowel de Raad voor Cultuur als de Minister zien festivals als pioniers die talentontwikkeling en coproductie kunnen realiseren en nieuwe publieksgroepen bereiken op een zowel lokaal als (inter-) nationaal niveau. De festivals zien het extra geld (2,6 miljoen over alle festivaldisciplines verdeeld) als een positieve eerste stap en opening voor gesprek. Want hoewel de Minister het actuele belang van de festivals herkent is het budget lager dan de Raad voor Cultuur adviseerde en voor de verwachtte taakvervulling ook te bescheiden. Ook blijkt nog niet eenduidig uit de brief hoe deze waardering uiteindelijk zijn beslag krijgt in de verschillende beleidsterreinen en bij de zes cultuurfondsen. De festivals zetten zich als moderne, hybride kunstinstellingen graag in om de relatie tussen publiek en kunst blijvend te versterken.

De visie van de minister  sluit aan bij de oproep die de festivals in februari zelf deden in het #festivalmanifest.

Provincies versterken hun werking door kunst te ondersteunen

2 maart 2015

Dag allemaal,

Mijn naam is Ilse van Dijk. Ik ben festivalleider van Karavaan, wat staat voor ‘buitengewoon theater op locatie’. Karavaan is een icoon in Noord-Holland dat al 23 jaar bestaat. Sinds vorig jaar varen we een andere koers: het festival legt zich nog meer dan daarvoor toe op het leveren van een bijdrage aan de leefbaarheid en de identiteit van Noord-Holland. Dat doen we door een cultureel programma te koppelen aan domeinen als water, ruimtelijke ordening of economie. Karavaan agendeert onderwerpen en plekken.

Het adagium daarbij is: Karavaan speelt waar NH beweegt

Dat betekent dat we thema’s en plekken opzoeken die elkaar versterken, waar een actueel thema tot zijn recht komt en waar je zo’n onderwerp met theater en andere activiteiten tot leven kan brengen.

Maar Karavaan wil ook graag in beweging zetten

Je kunt dat ook participatie noemen. We nodigen publiek en partners uit om zich actief te verhouden tot de plek en het thema. Door naar hun mening te vragen aan de stamtafel, door na voorstellingen gesprekken te voeren met publiek en kunstenaars, door ze te betrekken als vrijwilliger muzikant of spreker. Of door samen een programma-onderdeel te maken.

Cocreatie

Cocreatie is een van de pijlers waarop het festival rust. Cocreatie is gericht op het elkaar versterken van wat je doet en wilt uitdragen, waar je samen een bepaalde vorm voor bedenkt. Karavaan is het podium waar alles samen komt en waar je als publiek en als partner op een lichte maar tegelijkertijd ook verdiepende manier kunt ervaren waar het over gaat rondom het gekozen thema.

Veel instellingen, bedrijven en regionale overheden haken met enthousiasme in op het programma. Ook zij zien de waarde van een dergelijk evenement voor hun eigen doelstellingen. Het draagvlak voor Karavaan is bij het publiek én bij partners groot en groeiende. Hoe komt dat? Dat komt, denken wij, omdat Karavaan grote thema’s verbeeldt en terugbrengt naar een menselijke maat. Omdat zij dat niet alleen op het festival communiceert, maar ook daarvoor en daarna, in de diverse media en met diverse communicatiemiddelen.

Karavaan als communicatiemiddel

Noord-Holland staat voor, tijdens en na Karavaan op een bijzondere manier in de aandacht, zowel regionaal als landelijk.

Als politicus moet je stelling nemen, als kunstenaar hoeft dat niet. Kunst en kunstenaars creëren een vrije ruimte waarbij je uitgenodigd wordt je eigen standpunt in te nemen, en je te verhouden tot de thematiek en die plek. Waar er vanuit verschillende perspectieven gekeken kan worden naar een thema, waar je geraakt kan worden door theater of film, in gesprek gaat aan de stamtafel en die speciale plek herontdekt.

Thema’s

Noord-Holland is als geen andere provincie Nederland in het klein. De thema’s die Karavaan agendeert, komen voort uit wat er speelt in Noord-Holland en worden verbonden met de projecten die gerenommeerde en jonge kunstenaars uit het hele land opzetten. We werken in typische Noord-Hollandse domeinen als water, landbouw, economie en ruimtelijke ordening, die elk festival weer opduiken. Onderwerpen als de identiteit van een stad, vergrijzing, het versterken van de dijken of grenzen aan de landbouw situeren we op betekenisvolle plekken. Maar kunnen ook een voorbeeld zijn voor heel Nederland.

Karavaan kan gezien worden als een integraal instrument om de communicatie rondom belangrijke onderwerpen te voeren en om de participatie van de bevolking met deze onderwerpen mogelijk te maken. Karavaan draagt daardoor bij aan het versterken van de identiteit van Noord-Holland.

Voorbeeld Wieringermeer

Ik wil u graag een voorbeeld geven hoe het werkt. Daarvoor neem ik u mee naar vrijdag 6 juni vorig jaar. Karavaan is neergestreken op de proefboerderij Oostwaardhoeve in Slootdorp, middenin de Wieringermeer. Het is een plek waarover je van te voren zou zeggen dat er geen publiek is voor een cultureel programma. Ver weg en onbereikbaar. Niets is minder waar. Het publiek stroomt binnen. Zij lopen op het erf en gaan genieten van een streekdiner van Hollands Kroon. Daarna verdeelt het publiek zich. Het ene deel volgt boer Tom de Wit met een expeditie over de boerderij, het andere deel sluit aan bij de stamtafel. Aan de stamtafel is er een levendige discussie met boeren uit de omgeving en vertegenwoordigers van LTO. Het gaat over het gedachtegoed van Sicco Mansholt. Hij was een belangrijke motor van de schaalvergroting van het boerenbedrijf maar in het tweede gedeelte van zijn leven liep hij ook aan tegen de grenzen van de zogenaamde maakbaarheid. En hoe is het nu? Daarover hebben zij het.

Tegen half negen wordt het publiek uitgenodigd om naar de kas te gaan, waar de voorstelling Mansholt, gemaakt door de Stichting Jan Vos, speelt. Helmert Woudenberg en alle andere acteurs brengen het levensverhaal van Mansholt op indringende wijze naar voren. Na de voorstelling onstaan gesprekken en discussies en blijft het nog lang onrustig op de Oostwaardhoeve in Slootdorp.

Eenzelfde verhaal kan ik houden over ons programma in 2014 in de voormalige psychiatrische inrichting Willibrordus in Heiloo of in het voormalige Missiehuis in Hoorn.

Rol provincie

De Provincie Noord-Holland maakt zich sterk voor domeinen als water, landbouw, economie, herbestemming en ruimtelijke ordening. Wezenlijke factor voor het welslagen daarvan is de verbinding met en het draagvlak onder de Noord-Hollandse bevolking. Goede communicatie over en vormen van participatie bij dit beleid zijn cruciaal.

Ik geloof niet in alleen informatiefolders. Ik geloof niet in alleen inspraakbijeenkomsten. Ik geloof in nieuwe communicatievormen.

Karavaan zal vanaf 2016 als zelfstandige stichting het festival en projecten invulling geven. Hierdoor kan het festival nog beter dan voorheen zijn beleid vorm geven, de bedrijfsvoering op maat maken en zijn ondernemerschap inzetten. Het festival kan in deze vorm echter niet voortbestaan zonder de structurele ondersteuning van de provincie Noord-Holland. Er is een basis nodig en vooral continuïteit. Terwijl het festival aanstaande mei plaats gaat vinden, werken we nu aan 2016, 17, 18. We voeren gesprekken met gemeenten, bedrijven, theatergezelschappen, fondsen, bewoners.

Continuïteit

Zonder continuïteit is dat onmogelijk. Het is noodzakelijk dat we ook andere partners, financieel en inhoudelijk, verleiden om samen met ons het verschil te maken. Karavaan heeft bij het verwerven van additionele middelen een goede staat van dienst. Landelijke fondsen dragen tot nu toe graag bij aan het festival. Met de gemeenten wordt op dit moment gesproken over een carrousel waarbinnen een aantal regio’s structureel deelnemen.

En hoewel losse projecten waardevol kunnen zijn, kunnen ze alleen ad-hoc tot stand komen. Dan kun je niet agenderen, kun je niet werken aan draagvlak voor je onderwerpen en partners aan je verbinden door cocreatie. Kun je niet zorgen voor die gemengde financieringsmix. Kun je, met andere woorden, niet zorgen voor een zinvolle participatie.

Mijn stelling is:

Provincies versterken hun werking door kunst die zich maatschappelijk verbindt ook in de toekomst op structurele basis te ondersteunen als instrument voor communicatie en participatie van het integrale beleid.